Voertuigen die bestemd zijn voor het vervoer van levende dieren (kortweg VLD) moeten aan een aantal eisen voldoen om onnodig letsel of lijden tijdens het transport te voorkomen. Deze eisen gelden alleen voor voertuigen waarmee veetransporten worden verricht die langer duren dan 8 uur. De RDW voert de inrichtingskeuringen voor deze voertuigen uit. Voorheen werd dit gedaan door de Voedsel-en Warenautoriteit (VWA)

Voertuigen die bestemd zijn voor het vervoer van levende dieren (kortweg VLD) moeten zodanig zijn ingericht dat onnodig letsel of lijden tijdens het transport van de dieren zoveel mogelijk wordt voorkomen. Er worden eisen gesteld aan het vloeroppervlak, de ventilatie, de watervoorziening enzovoort. Deze eisen gelden alleen voor voertuigen waarmee veetransporten worden verricht die langer duren dan 8 uur. De eisen zijn afhankelijk van de diersoorten die u wilt vervoeren.

Op deze inrichtingseisen wordt gecontroleerd bij de eerste toelating van het VLD-voertuig en vervolgens om de vijf jaar. Als het voertuig aan de eisen voldoet, krijgt u een certificaat, dat vijf jaar geldig is. Iedere vijf jaar moet u het voertuig dus opnieuw laten keuren.

 

In de meeste gevallen gaat het om bedrijfsauto’s of aanhangwagens. Ook containers en schepen voor het vervoer van dieren worden aan de eisen getoetst en krijgen een certificaat.