Artikel 1 Begripsbepaling

In deze gebruikersvoorwaarden worden de volgende begrippen gebruikt:
  • Certification Authority (CA): Een vertrouwde autoriteit die verantwoordelijk is voor het uitgeven en intrekken van certificaten. Het betreft hier de RDW unit Voertuig Registratie en Documenten.
  • Registration Authority (RA): Een autoriteit die verantwoordelijk is voor de identificatie en authenticatie van de certificaataanvrager of – houder. Een RA signeert geen certificaten en geeft geen certificaten uit, maar beoordeelt en bekrachtigt aanvragen voor uitgifte en intrekken van certificaten. Het betreft hier de RDW unit Rijbewijzen.
  • ABR: Autorisatie Bevoegd persoon Rijbewijzen.
  • RYA: medewerker RYbewijzen Afgifte.
  • Bevoegde vertegenwoordiger: De burgemeester van de gemeente is de bevoegde vertegenwoordiger wanneer het een ABR certificaat betreft. De ABR is de bevoegde vertegenwoordiger wanneer het een RYA certificaat betreft.
  • Certificaathouder: Een natuurlijk persoon ten behoeve van wie een certificaat is afgegeven, wiens identiteit kan worden vastgesteld met het certificaat en die het certificaat daadwerkelijk en exclusief gebruikt. Het betreft hier de ABR of de RYA, die in het bezit is van een RDW smartcard met daarop het certificaat, sleutelpaar (openbare sleutel en privé sleutel) en bijbehorende pincode.

Artikel 2 Inleiding

Om de toegang tot haar applicaties en systemen te beveiligen geeft de RDW als Certification Authority (CA) digitale certificaten uit. Zo’n digitaal certificaat is nodig om toegang te krijgen tot de online diensten van de RDW. Dit certificaat zal door de RDW op een smartcard aangeleverd worden. Om het certificaat te kunnen gebruiken, is het bezit van een smartcardreader en een bij de smartcard behorende pincode voorwaardelijk. Deze initiële pincode wordt, separaat van de smartcard, door de RDW verzonden. Bij de eerste ingebruikname, dient de pincode gewijzigd te worden in een zelf gekozen combinatie van minimaal vijf cijfers of letters, waarbij gekozen kan worden uit de cijfers nul tot en met negen en a tot en met z.

Artikel 3 Verplichtingen van de certificaathouder

De houder van het certificaat heeft de volgende verplichtingen:

  1. Bij de eerste ingebruikname van de smartcard, dient de initiële pincode gewijzigd te worden in een zelf gekozen pincode. Indien de initiële pincode niet ontvangen wordt of in een geopende envelop, dient u contact op te nemen met de Unit Rijbewijzen 0900 – 235 97 39.
  2. Adequate bescherming/beveiliging van:
    - de smartcard met het certificaat en de privé-sleutel.
    - de zelf gekozen pincode waarmee de privé-sleutel is beveiligd.
  3. De smartcard en bijbehorende pincode zijn persoonsgebonden, dat wil zeggen dat alleen de certificaathouder deze mag gebruiken en de smartcard en bijbehorende pincode derhalve niet beschikbaar gesteld of kenbaar gemaakt mogen worden aan derden.
  4. In geval van verlies, diefstal, beschadiging, compromittering of blokkade van de smartcard of pincode of bij beëindiging van de functie als ABR of RYA, dient de bevoegde vertegenwoordiger binnen de gemeente onmiddellijk de RDW hiervan op de hoogte te stellen door het faxen of mailen van het formulier ‘Verzoek intrekken certificaat’. In geval de bevoegde vertegenwoordiger niet aanwezig is, dient de certificaathouder zelf dit formulier in te vullen en te faxen, mailen of versturen. Een RA van de RDW zal dit verzoek tot intrekken schriftelijk verifiëren.
  5. Indien de inhoud van het certificaat en/of voor de inhoud van het certificaat relevante gegevens niet (meer) overeenkomen met de werkelijkheid, is het de verantwoordelijkheid van de certificaathouder om de RDW hiervan op de hoogte te stellen.
  6. Het certificaat is bedoeld voor identificatie en authenticatie van de certificaathouder ten behoeve van toegang tot de online diensten van de RDW en de digitale ondertekening bij het gebruik hiervan. De bevoegde vertegenwoordiger binnen de gemeente is verantwoordelijk voor het daadwerkelijk aanwezig zijn van het uit het certificaat blijkende medewerkerverband tussen de certificaathouder en de gemeente.
  7. De RDW is niet aansprakelijk voor schade, direct of indirect voortvloeiend uit het gebruik van een RDW certificaat, wanneer het gebruik niet strookt met de doeleinden waarvoor het certificaat wordt uitgegeven. De certificaathouder is aansprakelijk voor schade voortvloeiend uit aan hem toerekenbaar handelen in strijd met deze gebruikersvoorwaarden.

Artikel 4 Toepasselijkheid van het RDW Dienst Wegverkeer Certification Practice Statement

Het RDW Dienst Wegverkeer Certification Practice Statement (CPS) is te downloaden van rdw.nl (zakelijk>RDW certificaat). Het CPS beschrijft de geleverde diensten, de gehanteerde procedures en de rechten en plichten van de bij deze diensten betrokken partijen.

Artikel 5 Acceptatie van deze voorwaarden

Door aanvragen van het certificaat verklaart de certificaathouder toestemming te verlenen voor opslaan van zijn persoonsgegevens (volgens de Archiefwet) en aan de gebruikersvoorwaarden te (blijven) voldoen. Bij wijziging van de gebruikersvoorwaarden, zal de gemeente hiervan op de hoogte worden gesteld. Op de gebruikersvoorwaarden en op de bepalingen in het CPS is Nederlands recht van toepassing.