Hoe zorgt RDW voor veilige voertuigen op de weg?
Voertuigen moeten veilig zijn voordat ze de weg op mogen. Van remmen voor het stoplicht tot het kinderzitje op de achterbank: de RDW test en beoordeelt of voertuigen en onderdelen voldoen aan de Europese regels voor veiligheid en milieu. Dankzij onze controles kun je erop vertrouwen dat jouw auto en de voertuigen om je heen veilig gebruikt kunnen worden in het verkeer.
Hoe werkt beoordelen en testen bij de RDW?
Ons werk begint bij de fabrikant van een auto of onderdeel. Die levert testresultaten aan die wij controleren en beoordelen op Europese veiligheidseisen. Neem bijvoorbeeld een kinderzitje. Deze moet een ISOFIX- of gordelbevestiging hebben en getest zijn met testpoppen in verschillende lengtes, van baby tot basisschoolleerling.
Remtesten en botsproeven
De RDW test ook zelf op het RDW testcentrum Lelystad met onder andere botsproeven en remtesten. Dat levert soms bijzondere beelden op. Zo testen RDW-inspecteurs de remmen van een vrachtwagen door deze 12 minuten lang remmend over de testbaan te slepen. Het doel? Een afdaling van 6 kilometer nabootsen, de norm waaraan remmen van vrachtwagens moeten voldoen volgens Europese veiligheidseisen.
Voldoet een voertuig of onderdeel aan alle veiligheidseisen? Dan geeft de RDW een typegoedkeuring af en mag deze in heel Europa de weg op. Die goedkeuring zie je terug aan het goedkeuringsnummer, het e4- of E4-keurmerk.
Veilige productie van voertuigen en onderdelen
Het werk stopt niet na toelating van een voertuig op de weg. Want hoe weet je dat de 1000e auto die van de fabrieksband rolt ook veilig is? Daarom houdt de RDW toezicht op fabrikanten en controleert of voertuigen ook tijdens productie veilig blijven. In bijzondere situaties – zoals innovaties – testen en beoordelen we via een ontheffing of een voertuig veilig de weg op kan. Een voorbeeld is de zelfrijdende pendelbus bij Rotterdam The Hague Airport.