Veiligheid

Mensen moeten veilig aan het verkeer kunnen deelnemen. Voertuigen moeten daarom aan alle wettelijke veiligheidseisen voldoen, nu en in de toekomst. De RDW is hierbij leverancier van kennis, goedkeuringsinstantie, toezichthouder en handhaver. Daarnaast dragen we bij aan de ontwikkeling van nieuwe (inter)nationale regelgeving, of aanpassing van bestaande regelgeving.
 

Lichte elektrische voertuigen

De RDW werkt mee aan een nationaal toelatingskader voor dit type voertuigen 
Lichte elektrische voertuigen (LEV’s) zijn enorm in opkomst. Dit zijn voertuigen waarvoor geen Europese typegoedkeuring is vereist (zoals de elektrische bakfiets), die momenteel als categorie bijzondere bromfietsen zijn aangewezen (bijvoorbeeld de Segway) of die nog geen goedkeuring hebben voor het op de markt aanbieden of in de handel brengen (zoals de meeste e-steps). Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), SWOV (Stichting Wetenschappelijk Onderzoek
Verkeersveiligheid) en de RDW werken nu samen aan een nationaal toelatingskader voor dit type voertuigen (‘LEVkader’). Binnen dit kader worden onder andere de technische eisen, de afgifte van de goedkeuring en het toezicht hierop geregeld.

Het LEV-kader voorziet in vier categorieën. De eerste twee categorieën zijn gericht op voertuigen die vooral bedoeld zijn voor individueel vervoer, zoals fietsen met trapondersteuning (categorie 1a) en zonder trapondersteuning (1b). Onder de laatste twee categorieën vallen voertuigen die zijn bedoeld
voor het vervoer van goederen (2a) of meerdere personen (2b). In bovenstaand figuur is de indeling schematisch weergegeven.

Bij het opstellen van de technische eisen voor dit kader zoeken we zoveel mogelijk aansluiting bij de eisen die in onze omringende landen gelden en houden we rekening met de EU-regelgeving en -standaarden. Hierdoor wordt het mogelijk om deze nieuwe vormen van mobiliteit goedkeuring te geven voor het op de markt aanbieden of in de handel brengen, met oog voor de verkeersveiligheid van de gebruiker en overige verkeersdeelnemers. LEV-voertuigen vanaf categorie 1b zullen ook worden gekentekend en tenaamgesteld.

In 2022 verandert de rol van de RDW voor deze voertuigen: dan worden wij de toelatings- en registratieautoriteit. Daarmee vervalt de aanwijzing binnen het kader door de minister van IenW. Op die manier wordt voldaan aan de aanbeveling van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) om een onafhankelijke keuringsinstantie te laten besluiten over de goedkeuring voor het op de markt aanbieden of in de handel brengen. De LEV-voertuigen die al goedkeuring hebben voor het op de markt aanbieden of in de handel brengen worden in 2023 via een conversie gekentekend. De datum van inwerkingtreding van het nieuwe LEV-kader is voorzien per 1 januari 2023. De RDW heeft ruime ervaring als toelatings- en registratieautoriteit en ziet de uitvoering van deze nieuwe taak met vertrouwen tegemoet.

Voertuig- en verkeersveiligheid bij geautomatiseerde voertuigen

De RDW werkt toe naar een aangepast systeem van toelating en gebruik
De ontwikkelingen op het gebied van geautomatiseerde en zelfrijdende voertuigen gaan steeds verder. Zo komen er meer en steeds geavanceerdere functies in voertuigen die menselijke bestuurders ondersteunen bij het rijden, de zogeheten Advanced Driver Assistance Systems (ADAS).
Daarnaast verwachten wij dat binnen enkele jaren de eerste zelfrijdende voertuigen op de Europese markt komen. De regelgeving voor de zelfrijdende file-chauffeur (Automated Lane Keeping System, ALKS) is goedgekeurd door de Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (UNECE). De implementatie hiervan binnen Europa wordt momenteel voorbereid.

Voertuigautomatisering zal ook de komende jaren leiden tot bijstelling van beleid en regelgeving, zowel internationaal als nationaal. Internationale harmonisatie zorgt ervoor dat voertuigen wereldwijd kunnen worden verkocht. Anderzijds is het belangrijk dat geautomatiseerde voertuigen zich in het Nederlandse verkeerssysteem veilig en voorspelbaar gedragen. Het onderzoek ‘Wie stuurt? – Verkeersveiligheid en automatisering in het wegverkeer’ van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) laat zien dat de voertuigregelgeving en de eisen die de overheid aan auto’s stelt, niet goed aansluiten bij de huidige generatie rijhulpsystemen. De RDW vraagt hiervoor aandacht in de UNECE en bij de Europese Commissie. Zo zorgen wij ervoor dat niet alleen gekeken wordt naar voertuigveiligheid, maar ook naar de inpassing van innovaties in het verkeersysteem en daarmee naar de verkeersveiligheid. Over innovaties waarvoor nog geen regelgeving bestaat, ontwikkelt de RDW kennis over de technologie zelf en de impact op het verkeerssysteem, onder andere door beheerste praktijkproeven van fabrikanten en kennisinstellingen toe te laten op de openbare weg. De opgedane kennis gebruiken wij om bestaande regelgeving aan te scherpen en het toelatingssysteem geschikt te maken voor huidige en toekomstige geautomatiseerde voertuigen.

Met ketenpartners zoals het CBR, SWOV, kennisplatform CROW, Rijkswaterstaat en het ministerie van IenW werkt de RDW aan nieuwe kaders om voertuigen te kunnen beoordelen vanuit 2 invalshoeken:
1. het voertuig als ICT-systeem (dat op software draait en communiceert met de omgeving), uitgevoerd binnen het Vehicle Safety and Security Framework (VSSF) en
2. het voertuig als bestuurder en de samenwerking tussen het voertuig en de mens, uitgevoerd binnen het Vehicle Driving License Framework (VDLF).

Nieuwe EU-wetgeving General Safety Regulation

Nieuwe en aangescherpte veiligheidseisen voor motorvoertuigen om weggebruikers te beschermen
Vanaf 6 juli 2022 geldt de nieuwe General Safety Regulation van de Europese Commissie. Hierin worden bestaande veiligheidseisen voor motorvoertuigen aangescherpt en nieuwe veiligheidssystemen verplicht. Deze wetgeving geldt voor motorvoertuigen met een Europese typegoedkeuring en is bedoeld om automobilisten, voetgangers en fietsers te beschermen. Hieronder vallen diverse geavanceerde systemen, zoals het Emergency Lane Keeping System
(ELKS) waarmee de bestuurder wordt geholpen het voertuig binnen de rijstrook te houden, en de Intelligent Speed Assistance (ISA) die de bestuurder informeert over de lokale snelheidslimiet en waarschuwt wanneer die overschreden wordt.

Markttoezicht

Vanaf 2022 wordt duidelijk welke taken de RDW precies gaat uitvoeren
Op 1 september 2020 is de nieuwe Europese kaderverordening 2018/858 ingegaan. Deze kaderverordening regelt ook het Europese systeem van typegoedkeuren van motorvoertuigen, aanhangers en onderdelen daarvan. De belangrijkste aanpassingen zijn: het verhogen van de kwaliteit en onafhankelijkheid van typegoedkeuringen en tests, betere controle op voertuigen die in de markt worden aangeboden en toezicht op Europees niveau. De RDW is vanaf 1 september 2020 tijdelijk aangewezen als markttoezichtautoriteit en blijft de terugroepacties op voertuigen in het kader van markttoezicht uitvoeren. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) is ook aangewezen als markttoezichthouder voor bepaalde taken. Er wordt gekeken naar een goede en heldere verdeling van de markttoezichttaken tussen de RDW en ILT. De RDW is in ieder geval tot 1 januari 2022 door de minister van IenW aangewezen om de bestaande toezichttaken uit te blijven voeren. In de komende periode zal de minister van IenW een besluit nemen over de definitieve taakverdeling.

Een veilig voertuig, ook na schade

De RDW werkt samen met de ketenpartners aan verbeteringen in het schadeherstelproces
Voertuigen die onjuist zijn hersteld na schade kunnen gevaarlijk zijn voor inzittenden en andere weggebruikers. De RDW is verantwoordelijk voor het verbeteren en hooghouden van de kwaliteit van schadeherstel, en voor het toezicht op partijen die een rol hebben in de verschillende processen
rondom schadeherstel. In opdracht van het ministerie van IenW werken we daarom samen met de ketenpartners aan voorstellen voor noodzakelijke verbeteringen rondom het proces van schadeherstel. Dit doen we in het project Schade. Het project Schade omvat de volgende onderdelen: 

  • We maken onderscheid in de reden voor een rijverbod, zodat duidelijk is waarom een voertuig een rijverbod heeft gehad. We verkrijgen meer inzicht in schadeaantallen en verbetervoorstellen voor de instroom. Hiermee komt de omvang beter in beeld en zoeken we met ketenpartners efficiënte en effectieve manieren om voertuigen die na schade een rijverbod moeten krijgen, dit daadwerkelijk te laten krijgen.
  • We moderniseren het bestaande normenkader. Met ketenpartners gaan we na of de schadecriteria in de regeling voertuigen nog steeds voldoen én welke normen voor schadeherstel zouden moeten worden toegepast.
  • We werken samen met ketenpartners een erkenning voor schadeherstel verder uit.
  • We adviseren over te raadplegen (externe) bronnen om bij of vóór import of herregistratie, schade-informatie van voertuigen te verkrijgen om zo de risico-inschatting bij import te verfijnen.

Deze onderdelen monden uit in de blauwdruk die de RDW in 2022 aan het ministerie van IenW aanbiedt. Als het ministerie akkoord gaat met de blauwdruk, dan starten we met een project om de gekozen richting uit te werken en uit te voeren.

Registreren van een (land)bouwvoertuig

Wijziging moderniseert het wettelijk stelsel voor personenvennootschappen
Sinds 1 januari 2021 is het verplicht om nieuwe (land)bouwvoertuigen te registreren. Voor bestaande (land)bouwvoertuigen geldt ook een registratieplicht. Die voertuigen moeten vóór het eind van 2021 zijn geregistreerd. Een (land)bouwvoertuig dat niet in 2021 wordt geregistreerd, mag na 31 december 2021 niet op de openbare weg worden gebruikt. Daarvoor is dan een eerst een keuring in een RDW-keuringsstation noodzakelijk. Het registreren van een (land)bouwvoertuig op naam van een maatschap is wettelijk is nog niet mogelijk. Er wordt door het ministerie van Justitie en Veiligheid momenteel een wetswijziging voorbereid om dit in de toekomst wel mogelijk te maken. Maatschappen die nu hun (land)bouwvoertuig registreren, moeten dat op naam van één van de maten doen. Als de wetswijziging van kracht is, kunnen al geregistreerde (land)bouwvoertuigen worden overgeschreven op naam van de maatschap. De wetswijziging moderniseert het wettelijk stelsel voor zogeheten personenvennootschappen. Met deze modernisering krijgt een maatschap dezelfde eigenschappen als bijvoorbeeld een vennootschap onder firma. Op naam van deze rechtsvorm kan een voertuig al wel worden geregistreerd. Ook een wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 wordt meegenomen, zodat registratie op naam van alle personenvennootschappen mogelijk wordt.